Voor veel melkveehouders speelt dezelfde vraag: welk rustgewas past het beste binnen het bouwplan nu 2026 het laatste jaar is van tijdsblok 1? Volgens Roy Kuenen, product manager ruwvoer, komt sorghum steeds nadrukkelijker in beeld. In onderstaand interview deelt hij zijn visie en praktische tips, met behoud van de feiten zoals ze in de praktijk gelden.
“2026 is het laatste jaar van tijdsblok 1 waarin telers op zand- en lössgrond verplicht een rustgewas moeten inzaaien,” vertelt Roy Kuenen. “Voor veel melkveehouders betekent dat een zoektocht naar een passend gewas binnen het bouwplan.” Volgens Kuenen wordt sorghum daarbij steeds vaker overwogen: “Sorghum, en ook de sorghum-mais mengteelt, komt steeds vaker in beeld. Het is voor de meeste bedrijven nog een relatief nieuw gewas, wat betekent dat een goede start in de teelt extra belangrijk is.”
Hij ziet vooral kansen in bestaande maissystemen: “Sorghum is met name interessant omdat het goed past in systemen waar normaal mais wordt geteeld. Het gewas kan onder de juiste omstandigheden een degelijke ruwvoeropbrengst leveren. In mengteelt met mais zorgt het vaak voor wat meer zekerheid in opkomst en gewasontwikkeling. Tegelijkertijd vraagt deze teelt wel om een andere aanpak dan veel telers gewend zijn,” aldus Roy.
Een van de belangrijkste aandachtspunten bij sorghum? Het juiste zaaitijdstip. “De beste zaaiperiode is van half mei tot eind mei,” legt Kuenen uit. Hij benadrukt dat temperatuur cruciaal is: “Sorghum is namelijk echt een warmteminnend gewas. Zowel de kieming als de beginontwikkeling verlopen alleen goed wanneer de bodem voldoende is opgewarmd. In de praktijk betekent dit dat je pas moet zaaien vanaf een bodemtemperatuur van ongeveer 12 tot 14 graden Celsius.” Volgens hem ligt dat moment meestal rond half mei: “Uit KNMI-gegevens blijkt dat deze bodemtemperaturen in De Bilt gemiddeld rond 10 mei worden bereikt, maar lokaal kan dat verschillen.”
Te vroeg zaaien is volgens Kuenen een veelgemaakte fout: “Het is vooral belangrijk om niet te vroeg te zaaien. Sorghum kan slecht tegen koude omstandigheden en is gevoelig voor lage temperaturen. In de periode tot half mei is er nog kans op nachtvorst of temperaturen rond het vriespunt, en dat is voor een jong gewas zeer risicovol. Een vroege zaai lijkt soms aantrekkelijk, maar levert in de praktijk zelden een voorsprong op. Bij lage temperaturen gaat de groei langzaam, waardoor later gezaaide percelen dit vaak weer bijhalen,” weet Kuenen. “Het oogstmoment verschuift nauwelijks, terwijl het risico op schade toeneemt. In die zin geldt echt: beter een week ‘te laat’ zaaien dan één dag ‘te vroeg’.”
Een goede, warme start is niet alleen belangrijk voor de opkomst, maar ook voor de verdere ontwikkeling van de plant. “Als de omstandigheden goed zijn, ontwikkelt de plant zich sneller en wordt hij weerbaarder, zowel bovengronds als ondergronds. Dat heeft voordelen in de beginfase, maar ook later effect op de plantgezondheid en -weerbaarheid.”
Ook de zaaidiepte verdient volgens Kuenen aandacht. Hij adviseert: “Sorghumzaad heeft minder kiemenergie dan mais, waardoor het belangrijk is om het niet te diep te leggen. Een diepte van ongeveer 3 tot 4 centimeter is in de meeste situaties ideaal. Alleen wanneer de bovenlaag erg droog is en er dieper nog vocht zit, kan iets dieper worden gezaaid (4-5 cm), maar standaard is dat niet aan te raden.” Praktisch samenvattend: “Hoe korter de weg naar boven, hoe beter de opkomst doorgaans verloopt.”
Voor het zaaien geeft Kuenen de voorkeur aan een precisiezaaimachine zoals een bieten- of maiszaaimachine. Waarom? “Deze zorgt voor een gelijkmatige plantverdeling, een constante zaaidiepte en een goed aangedrukte toplaag. Het helpt niet alleen bij een uniforme opkomst, maar maakt ook mechanische onkruidbestrijding later eenvoudiger. Je moet wel op de afstelling letten. Het is belangrijk om vooraf goed te controleren of de machine geschikt is voor sorghumzaad, want de sorghumzaden zijn kleiner dan mais en vragen om de juiste zaaischijven.” Dit geldt overigens ook bij een sorghum-mais mengteelt, waarbij het sorghumzaad gepilleerd is tot ongeveer de grootte van maiszaad,” aldus Kuenen.
Voor melkveehouders die nog een rustgewas moeten invullen, kan sorghum dus een interessante optie zijn, zeker op percelen waar normaal mais wordt verbouwd. Roy plaatst wel een belangrijke kanttekening. Zijn advies: “Het vraagt om een bewuste aanpak, met name in de startfase van de teelt. Wie de basis goed neerzet met het juiste zaaitijdstip, een passende zaaidiepte en een goed afgestelde machine, legt de basis voor een gezond en gelijkmatig gewas dat zich gedurende het seizoen goed kan ontwikkelen.”