| Blad | Bladbasis gerold, bladscheden niet versmolten en onbehaard. Bladblad open met fijne groeven, een strook in het midden van het blad niet gegroefd. Ligicles kraagvormig, stijf, aanvankelijk wit en groenachtig, later vaak bruin. Geen bladoor. |
| Halm | Bij het verspreiden van bosjes komen de stengels gedraaid omhoog. Lengte 100 tot 150 cm. Zeer vroege ontwikkeling in het voorjaar met bloei in mei. |
| Bloeiwijze | Cilindrisch, dicht bedekt, pluimvormig vals oor, naar boven en naar beneden toe taps toelopend, circa 10 cm lang en 10 mm dik. Aan elke zijtak zitten 4-6 aartjes die naar beneden kunnen worden gestript. Het aartje is enkelbloemig, ovaal en geluierd. Glumes zijn harig en hieronder met elkaar versmolten. Lemma heeft een laagstaande rugluifel. |
| Fruit | De kafvrucht wordt omsloten door beide kafjes. Het lemma omhult de caryopsis volledig. Palea ontbreekt. De 8-9 mm lange luifel steekt uit de kafjes. TKG 0,7–0,8 g. |